Van winstmaximalisatie en oneindige eocnomische groei naar een resourced-based economy

Overvloed, technologie, wetenschap resource-based economy versus een monetaire economie, geloof, winstmaximalisatie en arbeid.

Kunnen we met innovatie, wetenschap en technologie beschikken over voldoende grondstoffen zodat we geen monetaire economie nodig hebben gebaseerd op geloof in fiatvaluta, winstmaximalisatie, uitputting en schaarse bronnen? Een resource-based economie is gebaseerd op overvloed van bronnen voor iedereen. Een monetaire economie is gebaseerd op schaarste en een ongelijke verdeling van goederen en diensten. Zodra er schaarste is zijn mensen bereid om ergens voor te betalen en kunnen bedrijven winst maken omdat de vraag groter is dan het aanbod. Een monetaire economie is gebaseerd op schaarste en winst waarbij de vraag groter is dan het aanbod. Voor lucht hoef je bijv. niet te betalen omdat er voldoende is voor iedereen, er is dan ook geen economie voor lucht. Het kunstmatig verlagen van de Renminbi levert wel meer werkgelegenheid op, maar ook een hoop ellende op de lange termijn.

Bedrijven, overheden houden in bepaalde gevallen goederen en diensten expres schaars omdat er anders geen economie meer is of een bepaalde bedrijfstak in gevaar komt. De olie industrie zit bijvoorbeeld niet te wachten op een auto die rijdt op water of elektriciteit. Een overvloed van middelen en bronnen maakt mensen ook werkloos. De vraag is of dat een probleem is. Zolang mensen banen nodig hebben voor inkomen om te overleven wordt verdringing van arbeid door technologie als een bedreiging gezien. Dat komt omdat inkomen binnen de monetaire economie een prijs voor arbeid is. Automatisering concurreert met arbeid waardoor de prijs (loon) daalt en het inkomen daalt of wegvalt. Overvloed van bronnen en technologie beïnvloedt mensen die in een monetair systeem werken en loon ontvangen voor arbeid negatief. Momenteel zijn we allerlei baantjes aan het verzinnen zonder dat daar loon tegen over staat om mensen maar aan het werk te houden: vrijwilligerswerk, participatiebanen, stagiaires etc. Soms is dit zinvol werk, maar vaak ook niet. Je kunt je afvragen waarom we dan zo’n systeem in stand houden. Blijkbaar vinden we vrijwilligerswerk belangrijk, maar willen we er niet voor betalen, maar willen we wel dat iedereen aan het werk is ook al is het werk lang niet altijd  zinvol. Een monetair systeem heeft geen antwoord hierop.

Een monetaire systeem gebaseerd op schaarste en winstmaximalisatie zorgt voor een ongelijke verdeling van goederen en diensten, put bronnen uit en is gericht op (kunstmatige) schaarste in plaats van overvloed. Schaarste zorgt immers voor winst. De vraag is of we deze kunstmatige schaarste in stand willen houden met dit monetaire systeem. Zou de wereld er niet veel beter uitzien als iedereen toegang heeft tot voldoende bronnen. Zouden we nog oorlogen hebben als iedereen toegang heeft tot energie, voedsel, water en grondstoffen. Kunnen we ons niet beter richten op voldoende bronnen in plaats van winstmaximalisatie en kunstmatige schaarste? Je kunt je afvragen waarom de distributie wereldwijd zo ongelijk verdeeld is. Waarom lijdt de ene helft van de wereld aan obesitas, heeft een groot deel van de westerse samenleving overgewicht, hart en vaatziekten, kanker en overlijdt aan welvaartsziekten, terwijl een ander deel van de wereld honger lijdt en geen toegang heeft tot de basale medische verzorging en technologie? Dit mondiale systeem houdt vast aan een neoliberaal autoritair monetaire machtspositie gebaseerd op oneindige groei, oneindige schuld, vrije markt en een zo’n groot mogelijke winstmaximalisatie gebaseerd op schaarste. Het is de vraag welk systeem we in stand willen houden? Een systeem gebaseerd op winstmaximalisatie, aandeelhouderswaarde, ongelijke verdelingen van goederen en diensten, oorlogen en (kunstmatige) schaarse of een systeem gebaseerd op voldoende grondstoffen, duurzaamheid en welzijn?

Ad Broere: van een geldeconomie naar een menselijke economie

http://www.radio1.nl/item/304573-Ad-Broere-over-eerlijk-bankieren.html

1) Wat is geld? Monopolie op geld en geldcreatie door banken

2) Geld komt uit het niets, macht in handen van de ‘centrale’ private bank (Jekyll Island, FED). Verschuiving van macht over de geldkraan van overheid naar commerciële banken. Bank of International Settlements in Bazel.

3) Het proces van geldschepping uit het niets. Rente een extra belasting op de reële economie een blokkade voor de kleine ondernemer.

4) Toenemende kloof tussen vermogens, ook in Nederland. Rentesysteem is een herverdeling van 80% van de nettobetalers naar de 10% netto-ontvangers (o.m. de bevindingen van Piketty). De superrijken ontduiken structureel belasting.

5)Toenemende kwantitatieve en kwalitatieve werkloosheid, faillissementen en stijging armoede, focus op aandeelhouderswaarde (winst grote ondernemingen)

6) Versterking van het vermogen van de 10% rijkste leidt tot een toename van de kwantitatieve en kwalitatieve werkloosheid en armoede.

7) Structurele aanpassingen nodig tegen een roofzuchtige kapitalistisch systeem, we zitten op een heilloze weg: een bail out voor burgers. Van een geldeconomie naar een menswaardige economie. Bank als distributiecentrum voor geld voor de maatschappij ipv parasieten van de maatschappij. Community currency, ruilhandel en tijdhandel.

De verleiders hebben 14 oktober 2015 voor het eerst in een dikke 400 jaar ons geldstelsel ter discussie gesteld: